kapstok

SO-expertise

De scholen in het samenwerkingsverband kunnen, via een eenvoudig model van trekkingsrechten, jaarlijks een beroep doen op expertise van het speciaal onderwijs door de inzet van begeleiders passend onderwijs (BPO-ers). Elke school krijgt 12 uur, naar eigen bevinden in te zetten. Het resterende deel is naar rato van het aantal leerlingen verdeeld over de schoolbesturen. De inzet is vrij binnen de kaders van het ondersteuningsplan. Aanvragen om inzet van BPO-ers worden gedaan bij het so-loket van het samenwerkingsverband.

De wijze waarop de BPO-er wordt ingezet wordt bepaald door de vraag van het aanvragende bestuur. Het kan daarbij zowel gaan om ‘meer (gespecialiseerde) handen in de groep’, ondersteuning van leerlingen en advisering van de leerkracht. De achterliggende gedachte is dat inzet van de BPO-er minimaal als neveneffect zal hebben dat de leerkracht meer expertise ontwikkelt. Dit om ertoe bij te dragen dat voor vergelijkbare ondersteuningsvragen mogelijk niet opnieuw expertise behoeft te worden ingevlogen. De inzet van de BPO-er dient daarmee twee doelen: curatieve zorg voor de leerling, wanneer de leerkracht incidenteel of meer structureel hulp nodig heeft om gevraagde ondersteuning te kunnen bieden, en preventie nieuwe aanvragen (door toerusting van de leerkracht). Ook door meer in te zetten op groepsarrangementen kan de expertise beter worden ingezet voor de ondersteuning van de leerkracht.

Een ander uitgangspunt is dat de BPO-ers worden ingezet op de arrangementen (aanbod) en niet op het ondersteunen bij het formuleren van de ondersteuningsvraag en de toeleiding naar ondersteuning (adviesrol). Die rol is belegd bij de eigen intern begeleiders, onderwijsspecialisten en trajectbegeleiders van de scholen en hun besturen, en bij de 1e deskundigen van het samenwerkingsverband.